Het grootste deel van deze sessie werd uiteindelijk verkrijgbaar in februari 1991 wanneer Island het herdenkingsalbum "Talkin' Blues" op de markt bracht.

In 1973 brachten The Wailers ook hun tweede Island-album "Burnin'" uit, een LP die nieuwe versies van oudere songs bevatte, zoals "Duppy Conqueror", "Small Axe" en "Put It On", samen met songs als "Get Up, Stand Up" en "I Shot The Sherrif". Die laatstgenoemde was een wereldwijde hit voor Eric Clapton de volgende jaren. Het werd zelfs een nummer 1 hit in de US singels hitlijsten.

In 1974 spendeerde Marley veel tijd in de studio, werkend aan de sessie die uiteindelijk voor "Natty Dread" zorgde. Een album dat onstuimig vertrouwelijke songs als "Talkin' Blues", "No Woman, No Cry", "So Jah Seh", "Revolution", "Them Belly Full (But We Hungry)" en "Rebel Music (3 O'clock Roadblock)" bevatte. In het begin van het volgende jaar verlieten Bunny en Peter de groep; zij begonnen later een solocarrière (als Bunny Wailer en Peter Tosh), terwijl de groep de naam Bob Marley & The Wailers aannam.

"Natty Dread" werd uitgebracht in februari 1975, en tegen de zomer was de groep alweer op tournee. Het gemis van Bunny's en Peter's eensgezindheid werd vervangen door de I-Threes, het vrouwelijk trio bestaande uit Bob's vrouw Rita samen met Marcia Griffiths and Judy Mowatt. Onder de concerten waren 2 shows in de Londense Lyceum Ballroom dat, zelfs nu nog wordt herinnerd als één van de hoogtepunten van de jaren 70.

De shows werden opgenomen en het daaropvolgend live-album, samen met de singel "No Woman No Cry", behaalden de top in de hitlijsten. Bob Marley & The Wailers brachten reggae in een stroomversnelling. Tegen november, wanneer The WAilers naar Jamaica terugkeerden voor een benefietconcert met Stevie Wonder, waren ze duidelijk 's lands grootste sterren.

Het volgende album "Rastaman Vibration" dat in 1976 uitkwam brak alle records in de Amerikaanse hitlijsten. Het was voor velen de duidelijkste uitdrukking van Marley's muziek en geloof. Dit album bevatte songs als "Crazy Baldhead", "Johnny Was", "Who The Cap Fit" en misschien wel het meest veelbetekenende "War", waarin de woorden uit een speech van keizer Haile Selassie werden opgenomen.