|
De Perry/Wailers combinatie resulteerde in enkele van de beste nummers die de groep ooit maakte. Liedjes als "Soul Rebel", "Duppy Conqueror", "400 years" en "Small Axe" waren niet alleen klassiekers, ze bepaalden ook de toekomst van de reggae. In 1970 voegden Aston "Family Man" Barret en zijn broer Carlton (respectievelijk bas en drums) zich bij The Wailers. Zij waren de ritmische kern van Perry's studio band, werkend met The Wailers op hun terreinverleggende sessies. Ze waren ook onbetwist Jamaica's hardste ritmische sectie. De reputatie van de groep was, in het begin van de jaren 70 buitengewoon op de Caraïben. Maar internationaal waren The Wailers nog steeds onbekend. In de zomer van 1971 nam Bob een uitnodiging aan van Johnny Nash om hem te vergezellen naar Zweden waar de Amerikaan een filmopdracht aanvaard had. In Europa ondertekende Bob een contract bij CBS, ook Nash's platenmaatschappij. In de lente van 1972 waren The Wailers in Londen, zogenaamd voor het promoten van hun CBS-singel "Reggae On Broadway". In plaats daarvan waren ze vastegelopen (gestrand) in Engeland. Als laatste poging wandelde Bob in Basing Street naar de studio's van Island Records en vroeg de oprichter Chris Blackwell te mogen spreken. Deze maatschappij was één van de eerste drijfveren achter het succes van de Jamaicaanse muziek in Engeland; trouwens Blackwell had Island in Jamaica opgericht op het einde van de jaren 50. In 1962 besefte Blackwell dat door Island naar Londen te verhuizen, hij zijn Jamaicaanse mededingers voor kon blijven in Engeland. De maatschappij was herboren in mei 1962, voornamelijk verkopend aan de Jamaicaanse bevolking in Engeland die zich vooral in Londen en Birmingham bevonden. Het zwoele ska-ritme werd vlug een gevestigde waarde op de dansvloer. In 1964 bracht Blackwell de wereldwijde het "My Boy Lollipop", een pop/ska melodie van de jonge Jamaicaanse zanger Millie uit. Gedurende de jaren 60 groeide Island uit tot een grote vron voor Jamaicaanse muziek, van ska en rocksteady tot reggae. De platenmaatschappij omvatte ook de blanke rock muziek, met groepen en artiesten als Traffic, Jethro Tull, King Crimson, Cat Stevens, Free and Fairport Convention. Dus wanneer Bob Marley zijn eerste stappen zette met Island in 1971, was hij gebonden aan de grootste maatschappij in de wereld van die tijd. |